Waarom heb ik obligaties in mijn portefeuille als de rente zo laag is en de aandelen maar blijven stijgen?

Een vraag die veel banken en vermogensbeheerders zullen krijgen in de huidige omgeving van lage rente en hoge fiscale druk. De koersen van veel aandelen blijven maar stijgen, waardoor tussentijds record na record wordt verbroken. Dat heeft ertoe geleid, dat steeds meer aandelen op historisch hoge koersen staan. “What goes up, must come down.” Dat is het gevoel dat steeds meer professionele beleggers krijgen.

De percepties die bij veel mensen leven, inzake obligaties, zijn:

  • Obligaties leveren niets op
  • De rente gaat toch stijgen
  • Aandelen zijn veel interessanter

Vaak wordt hier voorbijgegaan aan (de kwaliteit van) de uitgevende instantie, looptijd van de lening en geografische- of valutaire herkomst van de obligatie. Daarbij komt het feit, dat de vergelijking vaak wordt gemaakt met de bankrente; die in het geheel niet risicovrij is. Echter, een goed gespreide obligatieportefeuille, vormt een noodzakelijke en nuttige hoeksteen van een portefeuille. Zo kan een goed gespreide obligatieportefeuille zorgen voor:

  • Cash flow
  • Een rendement boven de risicovrije rente (let op deze is negatief)
  • Staatsleningen bieden een negatieve correlatie met de aandelenmarkt (dus deels bescherming tegen aandelendalingen)
  • Rust en lage volatiliteit
  • Wereldwijde spreiding ter voorkoming van concentratierisico in brandhaarden

Hiernaast vergeten veel mensen dat de huidige economische cyclus niet het eeuwige leven heeft. Een van de waarderingen waar analisten naar kijken, is de verhouding tussen de koers van een aandeel en de winst die het bedrijf maakt. De grafieken laten zien dat de koersen op dagbasis dusdanig kunnen fluctueren, dat deze ratio sterk kan verschillen. Maar als een gemiddelde koers/winstverhouding van 10 jaar wordt genomen (de Margin-Adjusted CAPE), ontstaat er een beeld zonder die fluctuaties. Dan kunnen beleggers zien dat bedrijven hoger gewaardeerd zijn dan ooit te voren. Zelfs hoger dan de maanden voor de dot.com crash in 2000 en de beurskracht van 1929. Anders gezegd; de huidige koersen zijn gebaseerd op een goed draaiende wereldeconomie. Als daar verandering in komt, kan er een daling komen. Politiek beleid of onverwachte gebeurtenissen kunnen de trigger zijn om winst te nemen en aandelen te verkopen.

Ostrica heeft in het kader van het beperken van risico, vier toekomstige en mogelijk economische regimes onderkend van deflatie naar toenemende inflatie, van recessie tot accelererende groei.

Een feit is dat obligaties het in veel van bovenstaande scenario’s beter zullen doen dan aandelen. Het is natuurlijk een vak om zo een obligatieportefeuille goed te spreiden en te zorgen dat deze stabiel blijft. Ook bij rentestijgingen en mogelijke forse dalingen in de aandelenmarkt. Dus de vermogensbeheerder die u nu aanspreekt waarom hij in vredesnaam in obligaties belegt, bent u straks weer dankbaar. Geef hem/haar maar een schouderklopje. Hij heeft immers uw lange termijn doelstellingen goed voor ogen en behoedt u voor te grote risico’s.

De impact van Rutte III op uw vermogen

Om maar meteen met de deur in huis te vallen; het nieuwe regeerakkoord gaat een hoop veranderen voor mensen die een huis, aandelen of vermogen bezitten. Als een meerderheid in het parlement de plannen goedkeurt, doet u er verstandig aan om uw totale huishoudboekje samen met uw financieel adviseur nog eens goed tegen het licht te houden.

Gevolgen afschaffing dividendbelasting voor uw belegde vermogen

Zo wil het kabinet de dividendbelasting afschaffen. Momenteel wordt over de uitbetaalde winst 15% belasting geheven. Jaarlijks levert dat de schatkist 1,4 miljard euro op. Omdat in sommige gevallen het uitgekeerde dividend door vermogensbeheerders wordt herbelegd, zal een deel van deze besparing naar de aandelenmarkt stromen. Relatiebeheerder Ad van Ling (Ostrica Vermogensbeheer): “Afschaffing van dividendbelasting is een reden om geld niet meer op een spaarrekening te laten staan, maar te beleggen. De risico’s zijn nauwelijks hoger dan bij sparen.” Als expert krijgt van Ling daar nu al veel vragen over.

Een nieuw fictief rendement

Een andere, belangrijke kabinetswijziging wordt de verandering van de vermogensbelasting. Ten eerste wordt het bedrag waarover u geen belasting hoeft te betalen, verhoogd. Maar nóg belangrijker is de verandering van de belastingsystematiek voor de vermogensbelasting. Momenteel gaat de fiscus er vanuit dat u jaarlijks een rendement haalt van 4%. Dit rendement is fictief, omdat het er niet toe doet of u dat rendement ook daadwerkelijk behaald heeft. Over die 4 % rekent de overheid 30% vermogensbelasting, wat dus neer komt op 1,2% belasting. Maar door de lage rentestand op de internationale markten, wordt dit in de praktijk vrijwel niet meer gehaald. In de voorstellen gaat de belastingdienst jaarlijks sleutelen aan het fictieve rendement. Het kabinet wil namelijk dat dat percentage meebeweegt met de gemiddelde rente van de afgelopen 5 jaar.

In welke categorie valt u vermogen?

Naast de veranderingen van het fictieve rendement gaat de wetgever ook onderscheid maken in de hoogte van de vermogens. De fiscus gaat er vanuit dat de vermogens tot 125.000 minder rendement maken dan de vermogens van 125.000 tot ruim 1 miljoen. Op basis van de renteontwikkeling zullen die laatsten een hoger fictief rendement (momenteel 4,7 %) toegerekend krijgen (en dus meer vermogensbelasting moeten betalen). De vermogens boven ruim 1 miljoen en meer, krijgen een nóg hoger fictief rendement (namelijk 5,5 %) voor de kiezen.

Hypotheekrente versus de maandelijkse lasten

Tot slot gaat er waarschijnlijk ook iets veranderen rondom de hypotheekrenteaftrek. Veel huizenbezitters houden deze schuld bewust aan, omdat de fiscus een deel van de hypotheekrente teruggeeft. Het nieuwe kabinet wil deze renteaftrek terugschroeven. Dit roept de vraag op, hoeveel rente u de komende periode van de fiscus nog terug gaat krijgen. Als dat bedrag laag wordt, is het dan verstandiger om af te lossen? Immers, als de wet-Hillen echt wordt afgeschaft zullen mensen met een kleine hypotheek of een volledig afgeloste hypotheek daar financieel op achteruitgaan. U betaalt dan geen rente meer, maar wel (mogelijk zelfs hogere) kosten van het eigenwoningforfait. Het is daarom verstandig om samen met uw adviseur een nieuwe rekensom te maken om te bekijken wat voor u, in de nieuwe situatie, voordelig is.